Meer dan een eeuw actief voor Hoorns erfgoed

Vereniging Oud Hoorn - Actualiteit

De Toekomst van de Geschiedenis   (07-11-2018)

In reactie op de naar de leden van Oud Hoorn gestuurde Toekomstvisie ontving het bestuur onderstaande bijdrage van MaSeH . Geprikkeld door het thema van de Maand van de Geschiedenis, de lezing over de Wetsverzetting en enkele bezoeken aan historische steden & musea in de maanden september en oktober, heb ik enkele gedachten op papier gezet.

Niet verstoppen, niet begraven, niet uitwissen, maar vertellen vanuit alle mogelijke perspectieven.’
- Nelleke Noordervliet in 'Door met de Strijd',  Essay van de Maand van de Geschiedenis 2018.

Soms lijkt het alsof de inwoners van hoorn iemand van buiten de stad nodig hebben om de schoonheid en het unieke van de eigen stad opnieuw te ontdekken. In het begin van de twintigste eeuw was dat een tekenleraar uit Middelburg, Johan Christiaan Kerkmeijer, die met zijn scherp geformuleerde ingezonden brief de aanzet gaf tot de oprichting van de Vereniging Oud Hoorn.  Hij sprak zich bovendien uit tegen de materialistische tijdgeest, "die er niet tegen opziet om het natuurschoon te doen verdwijnen en het mooie oude onder moker en breekijzer te vernietigen." Later was het Bas Baltus die activisme en diplomatie fraai combineerde in de strijd om het behoud van het monumentale in de stad en bij het verspreiden van historische kennis. Jan en Ina Marbus kwamen van buiten Hoorn, maar woonden hier vijftig jaar en in die tijd lieten ze ons anders kijken naar de natuur in en rond Hoorn; denk aan dat boekje uit 2003 met de wandeling langs monumentale bomen. En dan Harry van Lunteren - helaas veel te jong overleden - die een lokale radiozender en een museum hielp oprichten, politieke cafés organiseerde en met Karel Broers (ook van buiten Hoorn) een stichting oprichtte tot behoud van het historische karakter van de binnenstad.

Al deze mensen, en met hen vele anderen, kenmerkten zich door passie, belangeloosheid en visie in hun inzet voor onze mooie historische stad. Dat geldt evenzeer voor de meerdere generaties stadsgidsen die al decennialang de verhalen over onze stad vertellen aan de vele wandelaars. We houden van onze stad, maar hoe kunnen we het oude en het nieuwe goed met elkaar blijven verenigen? Hoe gaan we in de toekomst om met de monumentale panden, evenals met de historische verhalen? Want er verandert veel in de wereld, en behalve andere manieren van communicatie (sociale media naast het degelijke drukwerk), ontwikkelt zich ook een andere manier van kijken naar de geschiedenis.

Verhalen vertellen

Het Historisch Nieuwsblad deed een onderzoek naar de kennis van de geschiedenis bij de Nederlanders. In het juninummer van 2018 werden de resultaten gepubliceerd: we zijn trots op onze Nederlandse identiteit, maar de kennis van de geschiedenis is slecht. Waar - volgens de enquête - Nederlanders het meest trots op zijn is de strijd tegen het water: "(...) Het droogmalen van de polders, het aanleg van dijken en de Deltawerken zijn zaken waarvan de Nederlandse harten zwellen van trots (Historisch Nieuwsblad, juni 2018)." Veel wandelaars (of het nu toeristen zijn of mensen die al jarenlang in Hoorn wonen) zijn echter verbaasd om te horen dat de Grote Oost en het West onderdeel uitmaken van de Westfriese Omringdijk, en sowieso weet bijna niemand dat Grote Noord, het Keern en de Zwaagdijk één en dezelfde binnendijk zijn.  En dan is er uiteraard het koloniale verleden; het Westfries Museum is hét museum van de Gouden Eeuw. Die Gouden Eeuw en bijvoorbeeld de V.O.C. waren echter niet mogelijk geweest zonder het geld dat al in de vijftiende en zestiende eeuw verdiend werd aan de graanhandel, de 'Moedernegotie'. En dan die roerige tijd van de Opstand, hoe wij Westfriezen die Amsterdamse vloot overwonnen hebben, waarom is dat nooit zo'n mooi, groot feest geworden als de 'Victorie van Alkmaar' en het 'Leids Ontzet'? Zijn we dan in Hoorn niet meer trots op ons maritieme verleden (dat is telkens een issue bij discussies over de waardering van de Bruine Vloot, de mensen van het 'Centrum Varend Erfgoed Hoorn' kunnen hierover mee praten). En het prachtige boek van Oud Hoorn krijgt toch regelmatig twee kritiekpunten: het gaat méér over steen dan over mensen; en méér over mannen dan over vrouwen. Maar goed, we zijn nog niet klaar met het verhalen vertellen. En ik denk dat juist dát in een Toekomstvisie voor Vereniging Oud Hoorn méér aandacht nodig heeft.

Missie, Visie en Activiteiten

De missie en de visie gaan denk ik over hetzelfde: het waarom van het bestaan van de Vereniging Oud Hoorn. Ik denk dat het daarvoor het beste is om terug te gaan naar de beweegredenen van Kerkmeijer dan een droge tekst uit de statuten aan te halen. De brief van Kerkmeijer werd vol passie geschreven; statuten zijn nodig, maar slechts droge, juridische stof. De missie is duidelijk: wij willen het mooie en historische van onze stad beschermen en uitdragen: de panden, de bomen én de verhalen. Dat is het 'waarom' van ons bestaan.

En hoe doen we dat: met activisme en diplomatie. Maar niet te veel polderen, behalve als het gaat om poldervondsten. Activisme, waar nodig, als de 'vooruitgang' (in de vorm van de gemeente, of projectontwikkelaars) monumenten of natuurschoon bedreigt. In het verleden ging het fout bij de Joodse Begraafplaats (1968) of de Tulpenboom bij het Missiehuis (2009).

Het is onze opvoedende taak, iets wat Kerkmeijer voor ogen had: historisch besef en trots komt er alleen met historische kennis! Opnieuw: de verhalen, maar bovendien hóe je die vertelt. Van de uitgebreide documentatie op onze website, de artikelen in het kwartaalblad, de gepassioneerde voordrachten van onze stadgidsen en ingehuurde acteurs, tot en met de lezingen in het Foreestenhuis. Daarbij moeten we lastige onderwerpen niet uit de weg gaan, en open staan voor nieuwe ontwikkelingen. Wellicht in de toekomst een 'Slavernijwandeling' zoals in Amsterdam (zie: Gids Slavernijverleden, tweede editie, LM Publishers 2018). Bovendien komt er steeds meer verborgen verleden aan het licht: de vele Joodse onderduikers die in Hoorn onderdak vonden, het verhaal van de Italiaanse soldaten die in Hoorn geïnterneerd waren (geweldig die bijeenkomst met Hans Bouwens), de nog onderbelichte rol van vrouwen in de Hoornse samenleving (in het Verzet, in de culturele vorming), de geschiedenis van de Hooorns-Joodse gemeenschap in de negentiende en begin twintigste eeuw. En langer geleden: de 'Moedernegotie' en de 'Moderne Devotie'. Wellicht in de toekomst minder 'Gouden Eeuw' (en minder J.P. Coen) en méér Middeleeuwen (bakker Truydeman) en Moderne Tijd (de Patriotten!).

De Toekomst

In de toekomstvisie van augustus 2018 lees ik vooral veel over het heden: de organisatie, de financiën, de huisvesting. Net zoals in de verhalen steeds meer over mensen zal gaan dan over stenen, denk ik dat we in een toekomstvisie voor de Vereniging Oud Hoorn de mensen méér centraal moeten stellen. En ja, mensen zijn wat wispelturiger om mee om te gaan dan gebouwen van steen. Meer aandacht voor de vrijwilligers, en putten uit de kwaliteiten van nog niet actieve leden. Soms op een deelonderwerp (zeker bij PR, automatisering en digitalisering van belang). Meer samenwerken met andere organisaties, kortere lijnen naar daar actieve personen. Overzicht houden in wat er gebeurt (vooral FaceBook is daarbij een aandachtspunt - kunnen de verschillende paginabeheerders beter samenwerken). De musea, Westfries Archief, Comité Monumentendag, Comité '40-'45, KNNV, Westfries Genootschap, het Carillon, de archeologische dienst, het centrum Varend Erfgoed.

En daarbuiten: wat kunnen we leren van andere verenigingen. Vooral als het erom gaat om jongere generaties aan ons te binden, om actief te worden in de vereniging. Je woont, werkt en gaat uit in een historische stad; laat dat leiden tot meer historisch besef. Het is een prachtige, kleinschalige historische binnenstad, met middeleeuwse straatjes en stegen. Wees er zuinig op, geen dikke SUV's in de stad, vrachtverkeer verminderen, en historische gebouwen - zoals de afgebrande Grote Kerk - die verdwenen zijn op de één of andere manier terug te brengen in het straatbeeld (zie in Enkhuizen de panelen die Frans van Leeuwen bedacht heeft). En denk aan het zichtbaar maken in het straatbeeldvan de verhalen van mensen die verdwenen zijn (plaquettes, Stolpersteine, QR-codes). Want het gaat er in de toekomst vooral om de verhalen te vertellen, en minder om of Oud Hoorn als organisatie op een centrale plek in de stad in beeld is. Als de verhalen aansprekend genoeg zijn, vinden de mensen vanzelf de weg naar onze Vereniging. Een nieuw pand is pas de moeite waard als we archieven en bibliotheek beter kunnen bewaren, ons beter kunnen presenteren - in combinatie met andere organisaties - en er een betere WIFI is te realiseren. En dat hoeft dan niet per sé aan de Kaasmarkt / Roode Steen.

*** MaSeH,  17 oktober 2018.

=========================================================================

BIJLAGE:

Historische Vereniging Alkmaar:  pand net buiten de binenstad, Nassaulaan 43.

Historische Vereniging Deventer: ruimte in Sociëteit de Vereeniging, binnenstad.

Historische Vereniging Haarlem: pand aan de grote Markt, binnenstad.

Historische Vereniging Gouda: géén eigen pand, verkooppunt boeken in oude Stadhuis.

Historische Vereniging Delft 'Delfia Batavorum': géén eigen pand.

Oudheidkundige Vereniging Flehite Amersfoort: géén eigen pand.

Leeuwarder Historische Vereniging: géén eigen pand.

Historische Vereniging Oud Enkhuizen: pand Westerstraat 158 met verenigingsarchief.

(ter kennisname)

Nieuwsarchief